Onderzoek

Toe-eigening

In 2005 plakte ik witte stickers op een muur in de stad: een opgeknipt zebrapad dat de hoek omging, Pedestrian Levitation. Op een dag zag ik een meisje proberen om de stickers op te lopen, springend, op een manier die zo persoonlijk en speels was dat ze even één werd met het werk. De stickers waren statisch; wat zij ermee deed was levend. Dat moment bepaalde de rest van mijn praktijk: ik wilde interventies maken die mensen zich kunnen toe-eigenen.

Dat werd de kern van mijn doctoraat in de kunsten, The Appropriation of Interactive Interventions within Urban Social Contexts (LUCA School of Arts / KU Leuven, 2022, promotoren Andrew Vande Moere en Nel Janssens). Het vertrekpunt, in de woorden van het proefschrift zelf:

“As urban technologies are becoming increasingly prevalent, it is of the utmost importance that they are not only deployed for the benefit and use of governments and corporations, but are also open for citizens to use and appropriate for the good of themselves and their communities.”

Het onderzoek stelt toe-eigenbaarheid voor als expliciet ontwerpdoel: “the appropriability of interactive civic interventions as a critical design goal”. Aan de hand van zeven stedelijke interventies die ik zelf (mee) ontwierp en uitrolde, ontwikkelde ik de lens van Portals and Paths of Appropriation. Poorten zijn de materiële en zichtbare ingangen waarlangs voorbijgangers vertrouwd raken met een werk, met de bedoeling ervan en met de mensen die er al mee bezig zijn. Paden zijn de trajecten waarlangs die voorbijgangers doorgroeien naar een andere rol: van deelnemer naar trekker, en soms tot iemand die het voor anderen mogelijk maakt.

De zeven interventies zijn:

De lens is intussen buiten het proefschrift opgepikt. Martijn de Waal, hoogleraar Civic Interaction Design in Amsterdam en voorzitter van de Media Architecture Biennale 2020, wijdde er zijn bijdrage aan Provocations on Media Architecture (Set Margins’, 2023) aan. Hij leest interventies daar als een zaad waaruit ontmoetingen, gesprekken en gemeenschappen kunnen ontkiemen, stelt de vraag of je zo’n ontkieming ook kan ontwerpen, en nodigt ontwerpers uit om poorten en paden op hun beurt toe te eigenen en er concrete bouwstenen van te maken.

Waarom dit ertoe doet voor opdrachtgevers: interventies, installaties en participatietrajecten slagen niet omdat ze perfect gecontroleerd zijn, maar omdat mensen ze zich eigen kunnen maken. Dat inzicht stuurt al mijn werk, van museumspellen tot co-creatieworkshops.

Verder lezen